Posts

Er worden posts getoond met het label vakantie

Beetjes Frankrijk (5,6)

Poppy is vandaag zeven geworden en dus mag ze mee gaan kajakken. Verleden jaar hadden we een leeftijdsgrens verzonnen. Ze is dat niet vergeten en we kunnen nu geen enkele reden meer verzinnen om haar niet mee te laten gaan. Geen haar op mijn hoofd denkt eraan om vrijwillig in zo een drenkelingenbootje te stappen, maar man ziet er geen probleem in om zich over het addergebroed te ontfermen en stelt me gerust dat het water voor het overgrote gedeelte laag staat. Ik blijf veilig thuis, lees en kijk naar de gigantische horzel die dagelijks om geheimzinnige redenen een toertje rond de omgevallen stronk komt maken. Dat is spannend genoeg voor mij. De jongen in het boek ‘de alchemist’ van Coelho reist naar Afrika en wordt bedot. 'Hij bedacht dat hij, toen de zon ’s morgens was opgekomen, op een ander continent had gezeten, herder met zestig schapen was geweest en een afspraak had gehad met een meisje. Hij was geen herder meer en had niets meer, niet eens geld om terug te gaan en opnieu...

Beetjes Frankrijk (4)

Het is windstil deze morgen. De gesprekken in het zeteleiland van de kinderen meanderen van snurken naar armbanden en hondjes naar pennenzakrock en een auto die ondersteboven gaat naar de aardbol in Bredene waar je zelf een weerbericht kan uitzenden. Ze zitten gezellig met blote schouders tegen mekaar te keuvelen. En even later aan de tafel gaat het door, want prins vindt dat er twee Olympische balletjes in de doos Cornflakes moeten zitten omdat dat op de voorkant én de achterkant aangegeven staat. Nicht begint omstandig uit te leggen waarom dat niet zo is. Ze weet niet waar ze aan begint. Van mij mag hij thuis tot aan zijn elleboog in de doos dabben om zelf   te ontdekken dat er maar eentje in zit. Hij kan maar beter zo snel mogelijk ingewijd worden in de lepe wereld van de reclame. Op de doos van nicht staat: Crunchy Muesli, een moment van intens plezier. Het is woensdag, windstil, 30 graden Celcius en het is markt. Wij zweten ons dapper door het volk heen en plukken hier ...

Beetjes Frankrijk (3)

Ze smeren mijn rug in, de meisjes. Peutertje pauw kan er maar niet genoeg van krijgen. Gaat eindeloos bedelen bij mama voor nog wat. Doe maar, meisjes, denk ik, want het is zo fijn, zo fijn met die kleine aspergevingertjes. De wind, jaloers geworden, laat van zich horen. Ze heeft de opblaaszetel op de dorre plukjes gras gesmeten en de krokodil ligt op haar rug tegen de roestige draad van de druivenranken.   Nonkel, vraagt prins, wat ga je doen? Schoonbroer komt in zwembroek de trappen af. Het is ons allemaal overduidelijk wat schoonbroer gaat doen, maar prins is een meester in het stellen van overbodige vragen. Het gras maaien, zegt schoonbroer droogjes. Wij lachen, terwijl zoon zich in alle ernst afvraagt waar de grasmachine dan wel is. Een grote witte vlinder zeilt over het water van het zwembad. Ik ken haar naam niet. De plastieken walvis loert over de badrand en lijkt me uit te lachen. Hoog boven ons zweeft een enorme vogel door de lucht.   Welke vogel is dat? vraag ik...

Beetjes Frankrijk (2)

Al dat groen rondom ons en daar op de heuvel het dorpje Cornillon. Eén enkele onzichtbare weg met blikkerende autootjes die het uitzicht in een rechte horizontale lijn doorklieft, maar het lijkt allemaal niet echt, onbeduidend, schattig,   auto’s in speelgoedformaat. Je zou niet verwonderd zijn als uit het blauw ineens een grote kinderhand tevoorschijn zou komen om met de minivoertuigjes te spelen. Wij mogen klein en zorgeloos zijn in deze omgeving. Ik lees ‘dagboek zonder data’ terwijl mijn zus de twee eerste hoofdstukken van mijn manuscript op haar knieën heeft. Ik moet me bedwingen om niet voortdurend te vragen hoever ze al zit. Het boek van Enid Bagnold is vertaald door Erwin Mortier. In de inleiding schrijft hij dat men haar vroeg waarom iemand schrijft. Zij antwoordde: ‘Het is de vloeiende reden om te leven.’ Ik ben al verkocht. "... achter hen, onder hen, bezit ik die taaie, geheime vrijheid van een instituut, die als de wind door me heen jaagt en mijn gemoed optilt als...

Beetjes Frankrijk (1)

Het fotoapparaat lag zichzelf nog op te laden in het bureau van man. In de koelkast nog een boterhamdoos met ronde broodjes en kipsalade. Op het kastje in de badkamer een paar opgerolde kousen, voor onderweg in de auto tot die niet meer nodig zouden zijn eens de poort van de zon voorbij. Op vakantie gaan is dingen meenemen die je niet nodig hebt en dingen vergeten die je wel nodig hebt. Onderweg in een tankstation zit hoog aan een raam een ongelukkig vogeltje ingesloten. Een dronken jongen ligt met zijn hoofd op een tafeltje te slapen. Een opengescheurde zak chips op de grond. Vanaf het moment dat we de deuren openden woei de urinegeur onze neuzen in. Het vogeltje piept angstig, fladdert halfslachtig tegen het venster. Gevangen. Net zoals wij met onze volle blaas. Dan is er het eerste zonnebloemenveld. Eenmaal Lyon voorbij is het licht anders. Er is eindelijk zon tussen de wolken die nu slechts nog een onschuldig schaduwbuikje hebben. Man rijdt. Ik deel broodjes uit...

Fragmenten Frankrijk (14)

Finit 23+24/7 83. Met één been staan we nog in het zwembad, maar met het andere alweer over de grens. Naar het schijnt hebben de mensen daar al terug kousen aan. Een gruwelijke gedachte, die we proberen te onderdrukken tijdens het ontbijt, maar die ons terug overvalt als we onder de bedden van de kinderen naar ondergoed vissen. De vuile hoopjes was op de bedden getuigen van eindigheid. De koffers gapen ons met open deksels vraatzuchtig aan. De verloren sok in de gang – probeerde zij werkelijk te ontsnappen? – bezorgt ons een gevoel van tristesse. Bijna voorbij, denken we terwijl we elkaar weemoedig voorbij lopen met stapeltjes kleren en handdoeken. Bijna voorbij. Daar hoort een zucht bij en een laatste, melancholische blik over de wijngaarden. Het lijkt alsof het afscheid een deken van stilte over de dag legt. Alsof toekomstig heimwee de gesprekken aan het ontbijt dempt. Alsof we minder luidruchtig de zon sommeren. Kinderpret onder een stolp, zo klinken de geluiden van die laat...

Fragmenten Frankrijk (13)

Buik-, teen- en hartaangelegenheden 22/7 76. Buik Jarige prins is, zoals te verwachten viel, een vroege vogel deze morgen en zijn vader is ook al uit de veren. Als officiële stand-in van schoonbroer mag hij nu voor het eerst een blik werpen op de delicieuze frangipane die werkzaam is bij de bakker. Zus waart ondertussen onrustig rond op het zonneterras. Zij deelt mijn talent voor plaatsvervangende pijn en ziet er bijgevolg uit als iemand die heel de nacht met hevige pijnen op de pot heeft gezeten. Wij verliezen onszelf in speculaties over de mysterieuze ziekte van schoonbroer. Op de achtergrond geeft peutertje Pauw luidruchtig aan dat het prille leven haar enigszins zwaar valt. En zo vergeten we bijna dat er nog een jarige rond dwarrelt. Poppy had haar nieuwe levensjaar al luidkeels opgeëist, maar prins is stukken bescheidener. Rewind: acht jaren. Prins zit rechtop in mijn baarmoeder als een kleine, wijze Boeddha. De gynaecoloog beslist dat er een keizersnede zal volgen op...

Fragmenten Frankrijk (12)

Perceptie 21/7 72. Op het onder de slaapkamerdeur geschoven blad staat op de ene zijde in grote drukletters de naam van mijn dochter met een zwart kruis erdoor en aan de andere een tekening van drie vreemde wezentjes met groene, blauwe en gele gezichten. Maar wanneer ik de gulle schenkster hiervoor wil bedanken, keert ze zich resoluut van me af, kruist de armen, fronst de fijne wenkbrauwbogen tot grillige duizendpootjes en spuwt me toe: “Dit is geen geschenk!” Denkfoutje van mama. Mis poes. En kindlief zal het me uitleggen ook. Ze trekt het blad uit mijn handen en wijst met gestrekt vingertje op de doorkruiste naam: “Als jij een ander kind graag ziet, dan ben ik jouw dochter niet meer!” De onvergeeflijke daad van haar moeder blijkt een achteloze aai over het bolletje van peutertje Pauw te zijn. “Ach,” zeg ik rustig terwijl ik wegwandel. “Dat is spijtig. Ik was nog wel zo blij met de tekening.” Mijn vileinde dochter laat het al eens graag knetteren tussen ons. Ik verdenk ha...

Fragmenten Frankrijk (11)

Cirkels en een vierkantje zon 20/7 67. Het marktje van Goudarche puilt uit van het volk. Verleden week was het er nog gezellig, want uitdovend. Nu lopen de toeristen in de weg en verdwijnen mijn kinderen uit mijn angstig oog. Een klein, rondbuikig mannetje spuit met een felkleurig waterpistooltje water op de voeten van de voorbijgangers. “Il pleut,” roept hij telkens olijk. Een marktvariant van de dorpsgek, oordeel ik te snel. Dan blijkt dat hij de eigenaar van de speelgoedkraam is. Even verderop probeert een reus van een kerel zijn charmes uit op zus. “Vous êtes belle,” zwijmelt hij, wijst dan bliksemsnel op een paar scharminkeltjes van hondjes en smeert haar vervolgens twee dozen snoepjes aan, want zorg voor gestrande beestjes kost geld. Ik kan het niet laten om zus smalend aan te kijken, waarop ze zich nog een beetje groter maakt dan ze al is en me laat weten ‘dat die snoepjes, wel, dat die snoepjes echt lekker zijn, want dat ze, ja, dat ze nog eens van die snoepjes van zo e...

Fragmenten Frankrijk (10)

Double dip(s) 19/7 57. Lang uitgerekte, babyachtige kreten dringen mijn droomland binnen. In halfslaap lokaliseer ik hun oorsprong ergens onder ons raam. Een radeloze kater, raad ik. Dat iemand dat verschrikkelijke beest laat zwijgen, denk ik lui en probeer me tevergeefs van het gejank weg te draaien. Met één zuinig opengetrokken oog aanschouw ik een stukje boze lucht en hoor tegelijkertijd iets druppelen. Snel laat ik mijn ooglid vallen en vlucht weg in een droom via een verschrikkelijke luchtbrug die misselijkmakend veel kronkels maakt. Maar dan breken de stemmen van de kinderen, paniekerig en loeihard, mijn dodenrit onverbiddelijk af: “Het regent binnen! Het regent binnen!” Slaapdronken spoed ik me naar de plaats des onheil en zie het water langs de trap afzeiken. Prins volgt onvoorzichtig zijn stijgende adrenalinegehalte, maakt een uitschuiver op de natte vloer en belandt op zijn rug. “Goed begonnen, is half gewonnen,” verzucht ik binnensmonds. 58. De verjaardags...

Fragmenten Frankrijk (9)

To play 18/7 51. To play (outside) - Schoonbroer haalt zus nogal dwingend achter haar boek uit. De slavendrijver wil gaan joggen. Ik tik met mijn vinger tegen mijn voorhoofd. Zus sputtert eventjes tegen, maar staat dan toch op uit haar ligstoel en sjokt de trapjes op. Mij krijgen ze niet zo gek. Het ritme der schildpadden; dat zal de hele vakantie mijn deel zijn. Ik liet mij voederen, mocht iemand bereid zijn. Achteraf, zo fluistert zus me grijnzend toe in de keuken, blijkt schoonbroer eerder geïnspireerd geweest te zijn door een aflevering van ‘Van vlees en bloed’. Ik bied hem hierbij dan ook ootmoedig mijn verontschuldigingen aan. En zus zal het ook geweten hebben: na deze bekentenis zal ik niet nalaten haar regelmatige pesterig te vragen of ze ‘eejvèntueeil trek heejft in tweej kootelètjes’. 52. To play (and cheat) - Terwijl een delegatie naar de Mont Ventoux vertrekt om aldaar het uitzicht in te ademen, installeren Poppy en ik ons op het terras met spelletje...

Fragmenten Frankrijk (8)

La Roque-sur-Cèze 17/7 43. Prins hangt half staand in zijn ontbijt te poeren. “Niet met je eten spelen,” zeg ik. “Maar ik speel zoooo graag met mijn eten,” antwoordt hij vol overtuiging. En wij maar tonnen lego aandragen, terwijl onze jongen al die tijd gewoon tevreden was geweest met wat broodkorsten. 44. Nadat ik tijdens een spelletje, waarin ik de rol van boef krijg opgedrongen, het vier keer na mekaar moet afleggen tegen Mega Mindy/Poppy (Studio 100 heeft het begrip ‘nuance’ nog steeds niet ontdekt) rijden we naar La Roque-sur-Cèse. Jongeren met pubervet zwoegen op fietsen de berg op. In de velden laten zonnebloemen collectief de gele hoofden hangen, geknakt door het mottige weer. Over een oude, smalle brug rijden we naar de voet van het middeleeuwse dorpje dat uitgeroepen werd tot één van de mooiste dorpen van Frankrijk. Achter de brug ligt een ruime parking voor bezoekers, maar ons busje is te hoog voor het eerder onnozele raamwerk dat aan de ingang staat. Geliefde rij...

Fragmenten Frankrijk (7)

Liefde stinkt 16/7/2011 37. Achter de balie van de gevangenis zit een oude kennis. Ik ontdek bij mezelf enig leedvermaak. Ze had het nogal hoog in haar bol. ‘Ik wist niet dat je hier werkte,’ zeg ik tegen haar. Tegelijkertijd wil ik naar buiten stappen en ruk zowaar de deur uit haar hengsels. De vrouw kijkt me ontstemd aan. En dan word ik wakker. De dromen van zus hebben vaak een overduidelijke link met de gebeurtenissen van die dag, maar bij mij valt er geen touw aan vast te knopen. Het is jaren geleden dat ik vorming gaf in de gevangenis en dus weet ik dat zelfs John Massis geen enkele beweging in die deur zou krijgen. Het is me daarenboven een compleet raadsel waarom ik die kennis ineens laat opdagen ter wille van wat boosaardig plezier. Of krijgen de wolken in het hoofd van overdag ’s nachts een venijnig trekje? 38. Hoe dan ook, ik ben het eerste groot mens dat wakker is. Poppy, onzichtbaar in haar hoogpotige bed, ademt zwaar haar dromen in en uit. Beneden zit Nichtje als ee...

Fragmenten Frankrijk (6)

And where will we hide, when it comes from inside? (J. Taylor) 15/7/2011 29. Buiten schijnt de zon, maar in mijn hoofd drijven wolken rond. Deze nacht heeft iemand de spiegel in de badkamer vervangen. Dat moet wel, want ik zie eruit als een trol. Mistroostig pluk ik aan de kleren in de kast. Haal er verschillende kledingstukken uit, die ik zuchtend weer op de kapstok hang. De lucht is blauw genoeg, maar in mijn kop gutst de regen. Of had ik dat al gezegd? Ik ben zo opgestaan, met dit lijf, dat als een walrus via de duistere golven van een droom op mijn bed moet zijn aangespoeld. De ganse dag zal ik het moeten meesleuren, terwijl ik het liefst van al mezelf bij het kadaver van de vlinder had gedumpt. Want het giet in mijn binnenkant; dikke druppels die in bellen veranderen als ze de bodem raken. Of had ik dat misschien al verteld? Zus fladdert in de gang rond in een babydollachtig jurkje met grote bloemen. Er is mij onlangs iets opgevallen: als zus buiten komt, klaart het op. Het ...

Fragmenten Frankrijk (5)

Peutertje Pauw en Co 14/7/2011 22. Goed volk is onderweg. Prins vormt nu al een paar dagen een beetje tegen wil en dank het staartje van een tweekoppige meisjeskoor en kijkt reikhalzend uit naar de komst van zijn maatje waarmee hij al de helft van zijn leven bevriend is en die, eureka, bovenop nog een stel fijne ouders heeft. En laten we vooral het zusje niet vergeten, dat ik omdoopte tot peutertje Pauw, omwille van de pauwenkreten die ze tijdens de vakantie op ons uitprobeerde. (Al moet ik bekennen dat ik na een blik op youtube pas besefte welk een gruwelijk geluid die beesten produceren, terwijl de kreetjes van ons peutertje Pauw eerder lieflijk en welluidend klonken.) De dag voor het vertrek zorgt ze nog voor een spannend moment door te dreigen met koorts. Het lijkt een ongeschreven wet dat kinderen niet ziek worden op een vroege woensdagavond wanneer beide ouders thuis zijn en er niets van betekenis geprogrammeerd is op tv. Nee hoor, ze wachten wel tot die ene zondag wanneer ...