De poëtische haven

“Ik weet iets,” fluistert prins. Hij buigt zich vertrouwelijk over zijn pannenkoek heen. De kleine man bekwaamt zich al enige tijd in grote mensenpraat. Met een uitgestreken gezicht oreert hij over ‘pallallellogrammen’, becommentarieert op onnavolgbare wijze doelpunten, vergelijkt de prijs van stukken speelgoed en informeert bezorgd naar de graad van radioactieve straling in Bilzen. Ana en ik zijn één en al aandacht.
“Ik weet iets over mijn trainer... Hij heeft een lief…”
Bam! De adoratie sijpelt poppy uit de opengesperde ogen. Wat die broer van haar toch allemaal weet! Die jongen kan woorden, met kleine én hoofdletters, lezen en verliest bovenop meer melktanden dan zij haardspeldjes: hij moet dus wel een soort van dwerggenie zijn. Klein meisje schurkt zich bijgevolg in onderdanige aanbidding tegen zijn vernuft aan door hem voortdurend te bestoken met allerlei vragen.
“En, broertje, weet je dan ook wat zijn lievelingsdier is?”
Het genie staat met de mond vol tanden (min twee) en rolt veelbetekenend met zijn ogen. “Hoe Kan Ik Dat Nu Weten?”
Een goed half jaar geleden had hij nog een lievelingsdier verzonnen. Hij had haar vraag handig omzeild met een totaal ongeloofwaardig, maar lyrisch verhaal. Daar lijkt hij nu stilletjes aan voorbij te zijn en ik vind dat spijtig. Vroeg of laat verlaten kinderen hun dichterlijke haven en stromen met ons mee in die voorspelbare vaargeul van de rationaliteit. Mijn zoon is op de boot gesprongen, maar af en toe herinnert hij zich de poëzie van de kinderhaven nog. Dan zit hij gehurkt door het raampje van de oven te staren naar de pruttelende lasagne en roept hij me: “Kom eens kijken, mama! Het eten ademt. Het gaat op en neer zoals ons buikje."
Poppy spettert wel nog ongedwongen rond in dichterlijk water. Wanneer moeke haar vertelt over de grote hond van een bevriend koppel, gaat zij fluks voorbij ras, stamboom, leeftijd, gewicht en afmeting. Zij laat het gigantische beest voor haar geestesoog verschijnen en informeert ernstig en onbevangen of die hond misschien ook mensenvlees eet. Terwijl haar broer zijn toekomstige zoon ‘Tomas’ zal noemen ‘als zijn toekomstige vrouw dat tenminste goed vindt’, komt poppy met iets van minstens zeven lettergrepen in de aard van ‘Lindemariniliana’. Soms lachen wij met haar. Waarop ze dan heel deskundig een zonsverduistering imiteert. ‘Herman Teirlinck. Zonder ingangsexamen,” merkte een buurvrouw al op toen ze nog heel klein was. Toch begrijp ik het misnoegen van mijn vijfjarige. Misschien lachen we wel uit heimwee naar de haven die al zo lang achter ons ligt. In het kielzog van Antoine de Saint-Exupéry wil ik zelfs pleiten voor onbeschaamde na-aperij. Als we nu eens in navolging van onze vijfjarigen bij een volgende ontmoeting niét informeren naar beroep of woonplaats, het merk van de auto en al die andere volslagen oninteressante feiten. In de plaats daarvan zouden kunnen vragen waarom mensen van bloemen houden en dan collectief hopen dat het antwoord niet als volgt luidt: omdat ze mooie kleuren hebben en lekker ruiken. Dat is een vaargeulantwoord eerste klas. Slaap-ver-wek-kend. Weggooien dat antwoord. Delete in kwadraat en probeer opnieuw. Zou het kunnen dat iemand van bloemen houdt door een foto die ze per post toegestuurd kreeg? Een foto met alleen maar zonnebloemen erop, wat haar enigszins verwarde. In een vorige brief had ze hem immers schoorvoetend gevraagd een foto van zichzelf op te sturen. Ze kreeg zonnebloemen. ‘Is dit geen vergissing?’ schreef ze terug. 'Ik zie alleen maar bloemen.' Een week later kwam zijn antwoord. 'Je moet beter kijken. Ik sta er echt wel tussen.' Dus keek ze beter. Ergens in het midden vond ze hem, althans zijn hoofd, slechts een speldenknopje groot, alsof het zelf een bloemenknop op een stengel was. De man werd haar geliefde. De foto ging in een lijstje. Daarom hield ze van zonnebloemen, zei ze. Ook grote mensen kunnen nog de kinderhaven in het hoofd hebben. Vooral dichters en schrijvers. Aan hen zou ik wel durven vragen waarom ze graag naar sterren kijken. Als er geen kinderen voorhanden zijn tenminste.

Reacties

anneeke zei…
Prachtig mooi. Ik pleit met je mee.
Ann zei…
Ik had niet anders verwacht ;)!

Populaire berichten van deze blog

In 'Den Engel'

Oligofreen

Plaatsvervangende pijn