De waarheid, de leugen en de blog

Mijn zoon vraagt: “Weet je nog dat ik vroeger op school altijd liegde?”Vroeger is nauwelijks twee jaar geleden. Liegde’ moet gewoon ‘loog’ zijn. En ja, ik herinner mij de fantastische verhalen van mijn zoon nog levendig. Over de duistere, vochtige kelder van ons huis vertelt hij. En de enorme kast vol geld die daarin staat. Voor alle zekerheid ben ik na het gesprek met de juf toch maar even in de krochten van ons huis afgedaald. Ik mag dan wel een fijne, open relatie hebben met mijn geliefde, je weet maar nooit met die zelfstandigen en hun zwart geld. Edoch, buiten wat rommel, een plasje water en enkele bejaarde spinnen die in hun grijze web lagen te verkommeren, was er niets te zien.En prins vertelde verder. Over een snorkelvakantie in Australië. Wij hadden daar blijkbaar in wateren van het blauwste blauw tussen dolfijnen gezwommen en zelfs de euvele moed bij elkaar geraapt om een aantal van die Flipperbeesten te strelen. Terwijl het vakantiebudget ons toch eerder noopte tot pover pootjebaden in de troebele branding van onze Belgische kust. En dan nog, degenen die mij goed kennen weten hoe ik mij verhoud tot avontuur. Laten we wel wezen, als het de bedoeling was dat wij voor langere tijd onze vege lijven in een zee dienden onder te dompelen, hadden we wel kieuwen gehad. En vergis u niet in die dolfijnen met hun gulle glimlach. Niks sociale vaardigheid kennen die beesten! Die omhooggetrokken mondhoeken hebben ze louter aan hun fysionomie te danken. Dat ik u gewaarschuwd heb. Ik zal mijn hoofd niet snel aan zo’n grijnzende muil vol scherpe tandjes verliezen. Versta me niet verkeerd. Ik heb niets tegen dieren. Zolang ze zich maar gewillig in mijn breedbeeldscherm laten vangen.Hoe dan ook, het enthousiasme van mijn kind was zo authentiek dat de juf er met haar twee pedagogische voeten in trapte. Ze leek oprecht van haar zonnemelk toen ik haar behoedzaam ons regenachtig Noordzeekustverhaal presenteerde. Meer nog, ze achtte het noodzakelijk om mijn leugenachtig kind het verschil tussen het één en het ander aan te leren. Vanaf dan diende mijn kleine fantast bij elk verhaal te vermelden of het waar of gelogen was. Een bijzonder ambitieus plan, vond ik, want de lijn tussen waarheid en leugen is dunner dan een nylon kous. Ik durf zelfs al eens filosoferen over de waarheid in de leugen en de leugen als literaire kunstgreep om de waarheid aan het licht te brengen. En verder vond ik het gewoon ook een slecht idee. Want door de leugen te laten benoemen, joeg ze mijn verzinkind de stuipen op het lijf.“Waarom loog je eigenlijk?” vraag ik mijn zoon. Het antwoord verbaast me geenszins: “Omdat ik anders niks te vertellen heb.” Ik begrijp mijn kind. Een goed verhaal begint niet met de boterham met choco die men ’s morgens opeet. Het is de kast met geld die de toehoorder nieuwsgierig maakt. Van wie is dat geld? Waarom ligt het in een kast in de kelder? … Ik beken: ik heb de juf haar werk laten doen. Overdag kneep zij, ongetwijfeld zachtzinnig, de strot van het liegbeest in mijn kind dicht en ik reanimeerde het dan ’s avonds met behulp van een flinke dosis interactief, leugenachtig knuffeltheater.
Maar wat als iemand je liegbeest dood wil zonder zich kenbaar te maken? Dan wordt het een heel ander verhaal. Blijkbaar is er iemand die me het toetsenbord uit de handen wil trekken. Op donderdag 6/4 rond 23 uur wil ik het derde deel van Love lost delen op Facebook. Er wordt mij droogjes meegedeeld dat daar geen sprake van kan zijn. Iemand heeft gemeld dat mijn blog beledigend zou zijn. Ik mag daar tegenin gaan op het daarvoor bestemde vakje. De onzichtbare Facebookman of –vrouw zal er zich dan over buigen en een oordeel vellen. De Sherlock Holmes in mij roert zich en besnuffelt de geschribbelde teksten. Het vergrootglas blijft hangen boven de tekst over de knorrel, een verhaal dat van fictie en feiten aaneen hangt. Mijn beste anonymous, ik richt mij nu tot u. U was zich toch bewust van deze mix? U dacht toch niet dat ik echt een brief naar J.K. Rowlings geschreven heb? U wist dat knorrels niet bestaan, maar een bedenksel zijn van een verzinkoningin, toch? Het loof slaat op mensenhaar. Dat had u ongetwijfeld geraden. En nee, de man die mij inspireerde tot dit magische wezen heeft echt niet de gewoonte om pieren leeg te zuigen. Ik moet tevens bekennen dat geen enkele buur ooit vermoedde dat de man tot de familie der snottrollen behoorde. En ik kan onmogelijk weten of de knorrel mijn zoon samen met het zwaard onder de aarde wilde begraven. Allemaal leugens, verzinsels en overdrijvingen. Kom kom, u wist dat ongetwijfeld allemaal. (Voor alle duidelijkheid: ik ben ook niet echt in de kelder afgedaald om te controleren of er een kast met geld stond.) Het clandestien tuintje daarentegen bestaat echt. Dat wel. En de aversie voor het vervoer van grasmatten en boomhutten is feitelijk. Alsook buurmans afkeer voor boombeklimmende kinderen. Het is de leugen of de fictie die onze knorrel universeel en herkenbaar maakt, want ik ga ervan uit dat er in elke stad of dorp, wat zeg ik, in elke straat een knorrelvariant woont. De feiten duiden wel op een persoon van vlees en bloed. Deze mix van feiten en fictie zijn een veel voorkomend gegeven binnen de literatuur (waartoe ik mijn schribbels vooralsnog niet reken, maar waarnaar ik eerlijkheidshalve wel streef). Mag ik u er ook even op wijzen dat het uiteraard niet de bedoeling is dat de schrijver daarover veel duiding geeft. Mijn toelichting in deze tekst is dan ook eenmalig en enkele ter uwer glorie, mijn beste anonymous. Uw onbekendheid is een gemiste kans; ik zal nooit kunnen achterhalen wat het precies was wat u kwetste: de leugen of de waarheid.U mag gerust weten dat ik er over nagedacht heb en zelfs even overwogen heb om het verhaal uit mijn blog te halen, om de eenvoudige reden dat ik het soort mens niet wil zijn dat andere mensen opzettelijk kwetst. Ik heb me bedacht. Knorrel blijft. Want democratie en vrije meningsuiting hebben één ding gemeenschappelijk : ze zijn niet feilloos. Een democratisch verkozen meerderheid is geen garantie voor goed beleid en een in alle vrijheid geuite mening, in dit geval een verhaal, kan mensen zeer doen. Toch ben ik een groot voorstander van beiden, omdat het omgekeerde veel en veel erger is. Het omgekeerde is willekeur en onverdraagzaamheid. Is concentratiekamp en apartheid. Is zwart en wit en helemaal niks daartussen. Het omgekeerde is oogkleppen en alleen maar rechtdoor. Is de schrijver monddood. En daarom blijft de knorrel staan. Uw anonieme pijn mag me geen blok aan het schrijversbeen worden. Ik wil u er trouwens even attent op maken dat er een vakje is onder de tekst, waarin u uw verdriet en pijn - veroorzaakt door een onvrijwillige trap tegen het zere been - kan deponeren. Met heel veel liefde zal ik u een fictief doekje voor het bloeden geven.

Reacties

elke zei…
Miljaar, wat is dat toch met al die anonieme moeiallen tegenwoordig? Ik heb er ook al van gehad (en mijn vorige blog-account was opeens gewoon in fb verdwenen, wat ik ook al verdacht vind).
Ik vind jou schrijfsels (is dat woord eigenlijk goed genoeg voor wat je produceert?) geweldig maar ik heb de laatste nog niet gelezen wegens weinig tijd en weinig concentratie tegenwoordig. Maar dit weekend ga ik toch eens op het gemak kijken wat de anonieme tegen de borst stoot. ;-)
Niet van aantrekken en gewoon verder doen. Maar ik verwacht precies niets anders. Am I right or am I right?
Ann zei…
I give you met graagte right, Elke!
Kaatje zei…
Hup Knorrel Hup!! :-)
Ik mocht ook al kennis maken met een - sympathiek - anoniempje... was er ergens iets in het verkeelde keelgat geschoten... ahum...
Anyway, wij gaat gewoon verder, en aub, niet stoppen met uw geschribbel, want ik kijk steeds uit naar elk nieuw kortverhaaltje!!
Ann zei…
Bedankt, Els!
soraya zei…
Ik sluit mij hier volledig bij aan!

Wel erg dat die persoon hier zo ver in gaat hoor! Weet je ondertussen al of je het vervolg mag posten op je Fb-pagina?
Ann zei…
Ik mag er terug op, zonder enige uitleg. En met dit verhaal sluit ik het dan ook af. Een kleine storm in mijn klein glaasje water.
anneeke zei…
Weer prachtig Ann. Ik geniet van de verhalen over je zoon en hoe je dat vorm geeft. Van de vertelkoning naar Facebook. Ik vind je streven naar literatuur mooi, maar je verhalen beter:)

Je mag mij altijd opzoeken op FB. Vriendelijke groet uit het 'Ollandse
Ann zei…
Ik zal eens komen piepen, Anneke.

Populaire berichten van deze blog

Oligofreen

Plaatsvervangende pijn

Ode aan mijn dochter